zondag 3 augustus 2014

een orgel klonk die dag

1.
Toen ik aankwam was het donker. Ik had er heel wat uren opzitten en ik verlangde ernaar te gaan liggen; de ongemakkelijke houdingen in onbekende omgevingen voelde ik bijna tot in mijn hersenen. Ik wist uit soortgelijke situaties dat het het beste was als ik mij zou ontspannen. Maar dit kon ik niet.

2.
Een orgel klonk die dag. Ik weet het weer. Een orgel. Die dag. Ik weet het nog. Een orgel speelde die dag.

3.
Als vage geluiden in een onbekende omgeving ― waar ik mij direct erg thuisvoelde, dat wel ― trilden mijn huidcellen.

4.
De reis was een dag als alle andere; ik zat in de trein, alsof ik in de sigarettenwinkel stond, alsof ik op bed lag, alsof ik de patio opliep, alsof ik naar het rinkelen van de telefoon luisterde.

5.
Die troela van de drogist kwam voor mij staan, plaatste een vinger aan mijn neus, zodat zij door te drukken de poriën beter zichtbaar kon maken, en zij zei vet neusje, daar hebben wij wel voor. Daarna zakte zij ietsje door haar knieën, maakte haar nek lang en bekeek met tot spleetjes geknepen ogen de haargroei boven mijn bovenlip.

6.
Alsof ik mij steeds meer ga herinneren.

7.
Mijn got ja, wat kon ik moe zijn.

8.
Vanaf het station het eerste hotel, en na het ritueel als een blok in slaap. Zo had ik het mij voorgesteld.

9.
Op mijn lievelingsstoel, alleen ik en zijn schaduw. Hij had talent; hij deed het zonder een druppel te verspillen. De aanblik van dat schaduwspel maakte mij halfwild. Er was licht achter mijn hoofd, moet je weten, zodat er voor mij op de muur . . .

10.
Je hoeft echt nergens bang voor te zijn, het komt allemaal goed.

11.
Toen mijn lievelingstante aan hoofdkanker stierf, suggereerde mijn moeder dat de oorsprong misschien wel lag in het feit dat zij al zeker twintig jaar haar haar verfde. Die vrouw had nooit haar eigen kleur zei mijn moeder nooit.

12.
Vergeet nooit de woorden van je moeder.

13.
Nee schat, nog geen dubbeltje.

14.
Ik verf mijn haar nu al weer zo'n zes jaar.

15.
Wat zou jij ervan vinden het eens met mij te proberen?

16.
Tot de laatste dag. Ik heb mij niet eens meer verkleed. Ik dacht word ik nou gek? Maar ik had gewoon de puf niet meer. Doorgaan. Doorgaan.

17.
Gillen.

18.
Wist het mens veel.

19.
Ik nam de telefoon niet meer op. Op zijn laatst nam ik zelfs de telefoon niet meer op. Stelletje lijkepikkers.

20.
Maar stralen. Tieten vooruit en stralen.

21.
En een gore stad, maar prachtig. En stinken, onvergetelijk!

22.
Na al die gesprekken. Enkel nog maar spiegels. Ik kan de keren niet tellen dat ik mijn spiegelbeeld zag in het glas van een rinkelende flipperkast.

23.
Toen er op de deur geklopt werd, hield ik mij slapende.

24.
Een orgel speelde europees-afrikaans. Ik hoor het weer ta-ta-tì  ta-ta-tì  ta-ta-tì.Dat was een hit daar, dat kan niet anders. ― Alsof ze daar geen hits hebben, lul!

25.
Kilo's van dat spul. En daarna dansen met de poes. Licht uit, ogen dicht.

26.
Casablanca, Casablanca.

27.
Mio bambino, te quiero.

28.
Kan ik iets voor u doen Mevrouw? ― Ha, Mevrouw!

29.
Mevrouw ja. Ha ha ha ha ha ja.

30.
Ben jij de hele dag buiten geweest? Kind toch, pas toch op!

31.
De klok stond stil op precies twaalf uur. Ik weet niet twaalf uur 's nachts of twaalf uur 's middags. Ik denk twaalf uur 's nachts. Of anders twaalf uur 's middags.

32.
Geef dat kind eens wat, hé lach eens.

33.
Ondankbaar schepsel. Ongenaakbaar schepsel.

34.
― Onherkenbaar schepsel! ― Verkeerd geschapen schepsel!

35.
Hier jongens pak aan, hier vlees, maagdelijk vlees, ongerept vlees.

Vuile hoer!

Ta-ta-tì  ta-ta-tì  ta-ta-tì.

36.
Toen ik de halfopgerookte sigaret van de asbak pakte om er nieuw vuur in te steken, zei hij oh maar dat moet jij nooit doen, dat is ongezond zei hij. En hij gaf mij een verse, Lucky Strike.

37.
Ja eindeloze gesprekken

Er zijn grote gevaren aan verbonden, dat begrijpt u hopelijk wel.

Slechts een klein percentage weet uiteindelijk met het resultaat gelukkig te zijn.

Veel zelfmoorden. Begrijpt u? Ik wil met u over uw verwachtingen praten.

Eindeloze gesprekken en duizenden foto's.

38.
Antwerpen, Marseille.

39.
Ik heb veel gereisd, Rio, Panama, Bangkok. Ik ging naar Bangkok. Wat stelt men zich hierbij voor?.

40.
Ja, ik heb liefde gekend.

41.
Ik vind deze broek echt waanzinnig. En een onvoorstelbare zonnebril heb ik laatst gevonden! Ik moet gewoon iets op mijn gezicht hebben, moet je weten.

42.
Ja, probeer mij.

43.
Of dacht je dat die kerels mijn paspoort willen zien voordat ze . . .

44.
Ik schreef een brief over liefde en houden van. Toen ik hem zag deed ik net of ik hem niet kende. Daarna keek ik hem recht in zijn ogen.

45.
Ik was helemaal vreemd daar.

46.
Zie je dat is een muur en dat is een muur en dat is een muur en dat is een muur. En daar is de keuken. En door die deur kun je naar buiten.

47.
Hoor een vogeltje fluit. Hoor die vrolijke guit.

48.
Ja, ik heb vrienden.

49.
Zitfuncties. Stafuncties. Ligfuncties.

50.
Ja ik was helemaal vreemd daar. Maar dan loop ik de ene straat na de andere en uiteindelijk kom ik uit waar ik zijn moet. Hoewel ik geen stadsplan ooit onder ogen heb gehad. En dit is mijn ervaring, waar ik mij ook bevind.





© mc 1978-2014





terug naar 1n (inhoud)





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen